Lekker rechts

Misschien is alles wel aan mode onderhevig. Wat we dragen, wat we eten, waar we wonen en ook wat we vinden. Meningen die nu hip zijn waren dat tien jaar geleden nog niet en als we tien jaar afwachten zullen we zien dat er weer andere hippe meningen voor in de plaats zijn gekomen. Zo gaat het al eeuwen en bijzonder veel verandert er eigenlijk niet aan.

De 21e eeuw bracht een nieuwe politieke mode. Er kwam een andere moraal, een ander uitgangspunt. Erbarmen, zorg voor de zwakken, idealisme: het raakte uit de tijd. De nieuwe mode was hardheid. Harde commentaren, gewoon zeggen wat u denkt meneer, harde oplossingen, harde mensen. Ineens waren ze er, de jongeren die glimlachend vertelden dat zij “lekker rechts” waren. “Ik ben lekker rechts,” zei zo’n meisje dan, 16 jaar of zo en nauwelijks wijs. Want zo gaat het met mode: je hoeft er niet noodzakelijk over te hebben nagedacht, je moet gewoon zorgen dat je meedoet.

Er heeft natuurlijk wel een gedachte achter gezeten, destijds. De linkse mode van de voorgaande jaren had niet tot de verwachte wereldvrede geleid. Zachte heelmeesters maken stinkende wonden. Links was arrogant geworden, er zat geen verzet meer in, en wat niet verfrissend meer is kan geen mode zijn. Het nieuwe flinke denken maakte korte metten met de vermeende morele superioriteit van links, zonder er zelf een moraal voor in de plaats te zetten weliswaar, maar die korte metten maakten dat lekkere rechts wel aantrekkelijk. Verandering, dat is verfrissend, dat is mode. Verandering was nodig ook.

Iedere mode wordt op zeker moment gekaapt door de smakelozen, die van eigenzinnigheid niks begrijpen en eigenlijk ook niks van mode. Met de politieke mode is hetzelfde gebeurd. Verhuftering volhardt: de lekkerrechtsers verwierven hun eigen podia, hun eigen politieke partijen, hun eigen omroepen. Verfrissend is het allang niet meer. Het is flink zuur geworden allemaal. Maar nog zijn ze er, die meisjes, nu in de twintig: “Ik ben lekker rechts.”

Ondertussen ontluikt de nieuwe mode, de nieuwe verandering. Er staan tentjes op het Beursplein. Weer zijn er niet echt alternatieven, maar er is tenminste weer iets verfrissend aan. Bezet de stoep en verweer je tegen het conservatisme, nou ja, waarom ook niet? De lekkerrechtsers klitten samen in hun hoon. “Langharig werkschuw tuig,” hoor je ze bassen op hun podia, die allang niet meer op de straat staan. Lekkerrechts is arrogant geworden. Lekkerrechts is uit de mode. Zo gaat het de hele tijd.

Eén ding blijft ontbreken: het concrete alternatief, de echte oplossing. De lekkerrechtsers hebben die oplossingen de voorbije 10 jaar niet gebracht, en of de Beurspleinbezetters ze gaan brengen is maar de vraag. Om de mode te ontstijgen moet er toch nog iets meer veranderen. Maar wie weet wat?

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s