Polen, Slowakije, Tsjechië

Al anderhalve week ben ik terug van vakantie. Dat ik nog maar moeilijk wen, blijkt uit mijn voorgaande bericht. Dat ik met plezier aan mijn vakantie terugdenk moet dan maar uit dit verhaal gaan blijken. Soms lijkt het wel alsof terugdenken al te veel tijd kost. Ik heb m’n foto’s nog niet eens bewerkt. Mijn lijst met bierrecensies is nog niet op Ratebeer gezet. Misschien moet ik dat ook maar niet meer doen.

De vakantie begon in Warschau. In Warschau was ik al eerder geweest, eind 2011. Toen was het kersttijd. De stad was koud, maar er kwam ’n mooi zonnetje door de wolken heen en ik zag, dat ik er wel van kon houden. Bij Warschau moet je dat altijd uitleggen. Weinig Europese hoofdsteden hebben zo’n gaaf historisch centrum, maar ja, dat van Warschau is dan ook herbouwd. Die geschiedenis hè. Het moet er altijd over gaan.

Dat Polen ook een toekomst heeft blijkt uit het bier. Het Polen van de vooroordelen, dat is heel veel wódka en dan misschien ‘ns afpilsen met blikbier dat bij ons in supermarkten aan zwervers wordt verkocht. Het Polen van de toekomst rekent daar mee af. Toen we het station uitwandelden was daar al meteen een biertuin met bier in allerlei stijlen (Ciechan).

WBP13 011

Ons hostel zat in een blokkendoos, dat wel. Dit was het voormalige getto. Iets verderop was de muur in de stoep verbeeld. We wandelden en ontdekten macabere ruïnes. Maar ergens in een kelder zat een biercafé, met heel veel taps en Aziatisch eten. De taps boeiden me het meest. Prachtige IPA’s. Knappe porters. Leuke experimenten. Zo smaakt de toekomst van Polen.

We bezochten in Warschau meer biercafés. Dat bier de toekomst is, zag je ook aan de interieurs. Modern, gelikt vaak. Het publiek was jong en soms ook rijk. Eén biercafé zat naast de winkel waar Ferrari’s werden verkocht. Gelukkiger waren er ook gezelliger lokalen.

In Tsjechië zou dat allemaal anders wezen, ik verwachtte dat en het bleek ook zo te zijn. In Tsjechië is bier traditie. Cafés zijn doorleefd, het publiek is gemengd, de sfeer is meestal heel gemoedelijk en los. Met de Tsjechen heb je zo een praatje. Met de Polen ook, maar niet zo gauw in een biercafé.

Slowakije lag er een beetje tussenin. Dat klinkt flauw, maar ik moet het zo zeggen. Men drinkt er veel wijn, maar bier is er al lang bekend. Daarom zie je er vast ook zo veel traditionele stijlen. Experiment lijkt voorbehouden aan brouwerij Kaltenecker, en die naam zagen we vaker in Praag dan in Bratislava. De brouwerijcafés waren hip. In de volkskroegjes dronk men Tsjechisch pils of Slowaakse wijn. Ik kon het moeilijk peilen, maar amuseerde me wel, vooral ook omdat Bratislava zo’n plezierig overzichtelijke stad was.

Vooroordelen weerleggen is het leukst. Een bloeiende biercultuur ontdekken in Polen, wie verwacht dat? Wanneer worden de parels van Pinta of Artezan eens naar Nederland geëxporteerd? Daarover schrijf ik het liefst natuurlijk, over de verrassingen. Maar dat Praag was zoals iedereen verwachtte… Ach, dat beviel me ook heel erg. Stel je voor dat het een tegenvaller zou zijn geweest! Dan had ik voor niets Tsjechisch geleerd, dat is ergere verspilling dan bierdrinken in een oude Praagse tram.

Advertenties

Bier op internet

In een eerder blog beklaagde ik me al eens over de matige vertegenwoordiging van de bierwereld in de geschreven pers. Voor wijn is altijd wel aandacht, er zijn rubriekjes in de kranten en bij momenten komen er zelfs programma’s over op tv, maar bier is blijkbaar niet belangrijk genoeg – terwijl Nederland en België toch in de eerste plaats bierlanden zijn, geen wijnlanden.

De kranten verbeteren kan ik niet, ook al zou ik ’t best willen, maar het internet is van iedereen. Online is dan ook veel meer over bier te lezen dan in de krant. Kranten lopen achter de feiten aan: in de tijd dat ze nog meneren waren stelde de Nederlandse biercultuur nog niet veel voor, inmiddels is dat wel anders en de weerslag daarvan zie je op internet, niet in de media van vroeger. Ik vrees dat het veelzeggend is, maar ik hoop het beste voor onze kranten.

Goed, internet dus. Daar moet je als bierliefhebber zijn. Hier bijvoorbeeld, op dit blog, waar het heel dikwijls over bier gaat. Of op Facebook, op de pagina “Wat drink je nu?”, waar bierliefhebbers niet alleen praten over wat ze gedronken hebben, maar vooral ook contact leggen met elkaar. Want dat is het aardige van internet: je doet nog eens contacten op.

Iets serieuzer gaat het eraan toe op Wikipedia, waar ijverige bierliefhebbers proberen om alle Nederlandse en Belgische brouwerijen een eigen artikeltje te geven. Dat vindt niet iedereen leuk, zo is gebleken: veel aardige artikeltjes over bekende brouwerijen als ’t IJ of De Rooie Dop zijn al voor verwijdering genomineerd omdat deze kleine brouwers niet relevant genoeg zouden zijn. Wat natuurlijk de vraag oproept wat relevantie precies is: waarom Heineken wel en zo’n kleine brouwer niet?

De discussie wordt op Wikipedia gevoerd, maar ook op Facebook en in de chat. Want het internet zit vol leuke hoekjes, er valt haast overal wel over bier te babbelen. Een centraal plein, waar alles samenkomt, is er nog niet. Zo’n plein zou op het internet, heel klassiek, een “forum” heten – en ja hoor, er zijn fora over bier, maar dat zijn vaak brouwersfora of discussiepagina’s op websites van bierclubs.

Sinds gisteren is er ook een centraal forum, dat de ambitie heeft om bierliefhebbers uit heel ons taalgebied een podium te bieden. Alle proefnotities, ergernissen en Wikirelletjes kunnen er worden besproken. Het is er omdat ík het wilde, het is aangemaakt door mij. Je vindt het hier.

Het Bierforum is een dag oud. Ik moet nog maar zien of ’t wat wordt, maar ik heb goede moed. Bierliefhebbers zitten vaak vol ideeën en eigenzinnige meninkjes, het zou mooi zijn als die nu allemaal op één groot internetplein gedeeld kunnen worden. Eindelijk een plein met alleen maar goede biercafés!

Natuurlijk, het is maar internet – een echt biertje proeven, dat gaat alleen in wat nu “real life” wordt genoemd. Hoezeer bier ook z’n plek vindt op het internet, het hoort toch ’t meeste thuis in de echte wereld, in een mooi vol glas voor mijn neus, of die van u.